Fukanzazengi

Dogen, zenmeester en stichter van de Japanse Soto-school, leefde in de 13e eeuw. Fukanzazengi is het eerste wat hij schreef na zijn reis naar China. Het is zijn poging om wat hij daar leerde over te dragen aan zijn tijdgenoten in Japan. Fukanzazengi bevat de kwintessens van zazen. Ook daarom wordt deze tekst al eeuwen gereciteerd tijdens de zazenbeoefening in Soto Zen tempels.

Universele aanwijzingen voor de beoefening van zazen.

De weg is fundamenteel volmaakt en allesdoordringend, hoe zou hij kunnen afhangen van praktijk en verwezenlijking? Het ware voertuig is vrij en ongebonden, waarom zou een mens zich dan geconcentreerd moeten inspannen? Jawel, het grote lichaam overstijgt het stof van de wereld, wie zou dan kunnen geloven in een middel om het schoon te vegen? Het is nooit gescheiden van waar je nu bent, wat voor zin heeft het dan om voor je praktijk rond te reizen?

En toch, bij de allerkleinste afwijking is de weg zo ver weg als de hemel van de aarde. Als de minste voor-of afkeer opduikt, verliest de geest zich in verwarring. Stel dat je prat gaat op je begrip en je verlichting opblaast vanuit een glimp in de wijsheid die in alle dingen huist, stel dat je de weg bereikt en je geest verheldert en zo bezield bent dat je de hemelse wilt bestormen. Dan nog zijn dit maar je eerste verkenningen in het grensgebied en schiet je nog tekort op het levensbelangrijke pad van de complete zelfontvoogding.

Moet ik het hier over de Boeddha hebben, die behept was met een aangeboren kennis? De invloed van zijn zes jaar rechtop zitten is nog altijd te merken. Of Bodhidharma’s overdracht van de geest? De roem van zijn negen jaar muurzitten wordt tot op vandaag gevierd. Aangezien het zo gesteld was met de ouden wijzen, hoe kunnen mensen vandaag dan de beoefening met hart en ziel zomaar naast zich neerleggen? Daarom stop je maar beter met een praktijk gebaseerd op intellectueel begrip, die woorden en spraak najaagt, om te leren de achterwaartse stap te zetten die je licht naar binnen richt om je eigen zelf te verlichten. Lichaam en geest zullen vanzelf wegvallen en je oorspronkelijke geest zal zich tonen. Als je de zoheid wilt bereiken, beoefen dan onmiddellijk de zoheid.

Voor zazen is een stille kamer gepast. Eet en drink met mate. Zet al je beslommeringen opzij en laat al je zaken rusten. Denk niet in termen van goed of slecht. Beoordeel waar en onwaar niet. Geef de werking op van de geest, het intellect en het bewustzijn, stop het meten met gedachten, ideeën en opinies. Stel je niet voor een Boeddha te worden. Hoe zou dat beperkt kunnen zijn tot zitten of liggen?

Leg op de plek waar je gewoonlijk zit een dikke mat en leg er een kussen op. Zit in de halve of hele lotushouding. In de volledige lotushouding leg je eerst je rechtervoet op je linkerdij en je linkervoet op je rechterdij. In de halve lotushouding leg je eenvoudigweg je linkervoet tegen je rechterdij. Je kleren en riem horen losjes en netjes geschikt te zijn. Dan leg je je rechterhand op je linkerbeen en de linkerhand met de palm naar boven op je rechterpalm, zodanig dat de toppen van je duimen elkaar raken. Zit recht in de juiste lichaamshouding, zonder naar links of recht over te hellen, of naar voren of achteren te leunen. Zie erop toe dat je oren in één vlak liggen met je schouders en je neus op één lijn met je navel. Leg je tong tegen de voorkant van je gehemelte en hou je lippen en tanden gesloten. Je ogen moeten altijd open blijven en je ademt zachtjes door je neus.

Zodra je je houding aangenomen hebt, haal je diep adem, adem je in en uit, zwaai je je lichaam naar links en naar rechts en ga je zitten in een stabiel, onbeweeglijke zithouding. Den aan niet-denken. Hoe denk je aan niet-denken? Voorbij denken. Dat is op zich de essentiële kunst van zazen.

Zazen waarover ik praat is niet leren mediteren. Het is simpelweg de dharmapoort van vrede en gemak, de praktijkverwezenlijking van het totale vervolmaakt ontwaken. Het is de manifestatie van de ultieme realiteit. Netten en valstrikken kunnen er nooit geraken. Zodra de pointe ervan begrepen is, ben je als een draak die het water induikt, als een tijger die de bergen intrekt. Want je moet weten dat de Dharma zich vanzelf toont, zodat vanaf het begin versuffing en afleiding uit de weg geruimd zijn.

Als je na het zitten opstaat, beweeg dan traag en rustig, kalm en bedachtzaam. Sta niet plots of bruusk op Als we het verleden onderzoeken, zien we dat het overstijgen van verlichting en niet-verlichting en zittend of staand sterven allemaal helemaal afhangen van de kracht van zazen. Daarenboven kan het ontwaken teweeggebracht worden door een vinger, een paal , een naald of een houten hamer, en kan het uitlokken van de verwezenlijking door middel van een vliegenverjager, een vuist, een staf of een schreeuw niet ten volle begrepen worden door het onderscheidende denken van de menselijk geest. Het kan ook niet helemaal gekend worden door de uitoefening of verwezenlijking van bovennatuurlijke krachten. Het hoort te gaan om een ontzagwekkende activiteit die horen en zien overstijgt. Is het geen principe dat voorafgaat aan kennis en visies? Aangezien het zo gesteld is, speelt intelligentie of een gebrek eraan geen rol. Er is geen onderscheid tussen stomp- of scherpzinnige. Als je met heel je geest een inspanning levert, dan is dat al de beoefening van de weg met hart en ziel. Beoefeningverwezenlijking is van nature onbezoedeld. Vooruitgang is een alledaagse zaak.

In het algemeen wordt in deze wereld en in andere werelden, zowel in India als in China, het Boeddhazegel bewaard en overheerst het kenmerk van deze school: een eenvoudig toewijding aan zitten, totaal betrokken en onbeweeglijk. Hoewel men zegt dat er evenveel geesten als mensen zijn, toch beoefenen ze allemaal de weg met hart en ziel enkel in zazen. Waarom zou je je zitplaats thuis verlaten om rond te dwalen in de stoffige gebieden van andere landen? Eén misstap en je wijkt af van de weg die direct voor je ligt.

Je hebt de functionerende essentie van een menselijk lichaam verworven. Verspil je tijd niet. Je draagt zorg voor de essentiële functie van de Boeddha-weg. Wie zou dan ijdel genoegen kunnen scheppen in de vonk van een vuursteen? Bovendien zijn vorm en substantie als dauw op het gras, is het lot als een bliksemschicht, leeg in één oogwenk, verdwenen in een flits.

Alstublieft, eerzame zenvolgelingen, lang gewend aan het grijpen naar de olifant, wantrouw de draak niet. Wijd je energie aan de weg die het absolute onmiddellijk aanwijst. Eerbiedig de compleet verwezenlijkte mens die alle menselijke handelen is overstegen. Harmonieer met het ontwaken van de Boeddha’s Wees een opvolger in de legitieme lijn van het samadhi van de patriarchen. Handel steeds zo en je zult zeker zo iemand als zij worden. Je schatkamer zal vanzelf openen en je zult er vrij gebruik van kunnen maken.

Dogen Kigen, 1243

Terug naar Zen pagina